Stripgids – productiehuis en expertisecentrum rond strips en beeldverhaal

Robert Crumb, inmiddels bijna 81, maakte naam met Fritz the Cat en met erotisch werk waarin stevig gebouwde vrouwen de hoofdrol speelden. Inmiddels ligt de tekenaar al jaren onder vuur bij aanhangers van de cancelcultuur, die hem zowel racisme als seksisme verwijten. "De meeste mensen vinden satire niet leuk. Ze voelen zich er zelfs een beetje door bedreigd."

Vandaag woont Robert Crumb al jaren in Frankrijk en is hij een van de bekendste striptekenaars ter wereld, maar zijn eerste Zap Comix publiceerde de geestelijke vader van Fritz the Cat eind jaren zestig in San Francisco. Robert Crumb brak door tijdens de Counter Culture, maar hij ligt inmiddels al jaren onder vuur bij aanhangers van de Cancel Culture, die geen oog hebben voor de ironie in het oeuvre van de Amerikaanse tekenaar. Vooral zijn satirische verhalen over zwarten en joden, waarin hij de spot drijft met kleinburgerlijke vooroordelen, vallen in slechte aarde. Men ziet er de lol niet van in. Dat deze verhalen maatschappijkritisch waren bedoeld, wordt niet meer begrepen.

In 2021 verscheen ter gelegenheid van een grote Crumb-tentoonstelling in de New Yorkse galerij Zwirner het boek Crumb's World, een bundeling van vooral ouder werk. Een van de stripverhalen die erin zijn opgenomen is het drie bladzijden lange When the Goddamn Jews Take Over America uit het begin van de jaren negentig, waarin Crumb op weinig subtiele wijze verbeeldt hoe antisemieten naar Joden kijken. De ironische inslag van dit korte verhaal wordt hem nu zwaar aangerekend.

De problemen begonnen - als we het goed hebben - na de publicatie van uw stripverhalen When the Niggers Take Over America en When the Goddamn Jews Take Over America. In de San Francisco Examiner van 28 september 1994, bijna dertig jaar geleden, schreef David Armstrong al kritisch over deze verhalen. Later werden ze allebei zonder toestemming herdrukt in het neofascistische tijdschrift Race & Reality.
“‘De problemen’ begonnen lang daarvoor. Ik tekende When the Niggers Take Over America in 1992. Ik woonde toen al in Frankrijk. In de jaren 1970 werd ik aangevallen vanwege racisme en vrouwenhaat en antisemitisme en weet ik wat meer. Dat blad van de white supremacists publiceerde de twee verhalen kort nadat ze waren gepubliceerd. Ze zeiden: ‘Moet je nu eens zien, Crumb staat aan onze kant!’ Ze begrepen het niet, maar de links-liberalen begrepen het toen ook niet. En reken maar dat Maus-tekenaar Art Spiegelman me er flink van langs heeft gegeven vanwege die twee verhalen. Overigens heb ik van een paar zwarte mensen wel gehoord dat ze het door hadden, hoewel ik snap dat zwarte mensen die onzin niet van een bleekneus willen horen. Nou, jammer, het spijt me. Het moest eruit. Ik ben een witte zak, dat geef ik toe.”

Wat gebeurde er na deze publicatie? Woke bestond destijds nog niet, dus wanneer werd uw werk door een nieuwe bril bekeken en (door sommigen) veroordeeld? En hoe ziet gecanceld worden er in de praktijk uit?
“Er gebeurde niets toen die twee verhalen uitkwamen. Je moet begrijpen dat mijn strips altijd een vrij klein publiek hadden. Ze verkochten nooit in grote aantallen, ondanks mijn legendarische status in sommige kringen. Ik was nooit mainstream en heb daar ook nooit naar gestreefd. Gecanceld worden had weinig of geen effect op de verkoop van mijn strips en gek genoeg blijft de waarde van mijn originelen maar stijgen en stijgen. Het doet me duizelen als ik kijk naar de prijzen die mijn oudere werk opbrengt. Ik bezit er zelf niets meer van, dus het zijn meestal andere mensen die eraan verdienen. Het kan me niet schelen. Financieel gaat het prima met me. Wat een wonder is, want ik heb nooit de ambitie gehad om meer geld te verdienen dan wat ik nodig heb voor mijn levensonderhoud. Mijn kernpubliek is ongeveer hetzelfde als het altijd is geweest. Het is waarschijnlijk een beetje gekrompen omdat ik al zo oud ben. Ik ben niet meer zo productief als vroeger, en jonge mensen komen minder met mijn werk in aanraking. Je moet weten: ik doe dit al 55 jaar! De tijd schrijdt voort. Ik heb geen idee wat de jongeren tegenwoordig doen. Ze brengen hun tijd door met staren naar schermpjes. Raar.”

"Het hele woke-gedoe en de cancelcultuur kwamen niet zomaar uit de lucht vallen. Er waren altijd al lichtgeraakte mensen die het leuk vonden om anderen te censureren."

Robert Crumb

U woont al een tijd in Frankrijk. Was u opgelucht dat de hardcore woke-beweging vooral in de VS is geconcentreerd?
“Dit hele woke-gedoe en de cancelcultuur kwamen niet zomaar uit de lucht vallen. Politieke correctheid bij links bestond al sinds de jaren 1970, misschien zelfs al eerder. Er waren altijd al lichtgeraakte mensen die het leuk vonden om anderen te censureren. Het is ook nooit anders geweest. Ze kunnen ontzettend vervelend zijn als ze aan de knoppen van de macht zitten. Maar dan heb je ook nog de propagandamachine van het bedrijfsleven, grote bedrijven die politieke correctheid gebruikt om zich te hullen in een schaapsvacht van deugdzaamheid. Dat soort achterbakse hypocrisie is veel weerzinwekkender dan de hooguit irritante en hinderlijke woke-cultuur. Maar als de censuur eenmaal op gang komt, is die moeilijk te stoppen en uiteindelijk worden we allemaal bang om het minste of geringste te beweren, behalve misschien over het weer. Oeps, kijk uit met wat je zegt over klimaatverandering! Ik ben er maar mee opgehouden me zorgen te maken over de wokies, al kan het nog steeds zo erg uit de hand lopen dat ik onaanraakbaar word en niemand mijn werk meer koopt uit angst voor de eigen reputatie. Zou best wel eens kunnen. Jeetje, dan moet ik mijn 78 toerenplaten verkopen om de rekeningen te betalen! Een vreselijke gedachte!”

Heeft het cancelen u artistiek beïnvloed? Is het bijvoorbeeld nog mogelijk om erotisch werk te maken? Uw Bible of Filth kon alleen in Nederland worden gedrukt.
“Het is best wel ironisch: nu ik oud ben en mijn seksuele energie sterk is afgenomen en ik niet langer die dwangmatige drang heb om mijn seksuele obsessies op papier te zetten en aan het publiek te tonen, is er juist vraag naar dit soort werk onder verzamelaars van mijn originelen! Ze willen tekeningen van perverse seks! Hoe verknipter, hoe beter! Vreemd, toch? Ik snap het niet. Ik heb het nooit begrepen. Ik tekende gewoon rechtstreeks wat er in mijn binnenste rondspookte. Ik had geen marketingstrategie, geen doelgroep. Soms maak ik erotische tekeningen voor speciale klanten. Zieke figuren. Heeft het cancelen me artistiek beïnvloed? Ik denk het niet. De weerstand is nooit zo groot of sterk geweest dat het onmogelijk werd om uitgevers en distributeurs te vinden.”

Hoe gaat het nu? Wordt uw werk nog steeds gepubliceerd en tentoongesteld in de VS? Zijn er andere landen waar uw werk niet meer welkom is?
“Ja, mijn werk wordt nog steeds in de VS gepubliceerd en tentoongesteld, geen probleem. Een paar jaar geleden had ik een grote tentoonstelling in de Zwirner Gallery in New York. Dat is een grote galerij met een enorme staf, die bijna volledig bestaat uit jonge mensen, twintigers en dertigers, het hoogopgeleide ‘kunstvolkje’ uit welgestelde milieus. Op de dag voor de opening hield kunstcriticus Robert Storr een toespraak over mijn werk voor het voltallige personeel. Hij legde het uit op een heel heldere, welbespraakte en erudiete manier, zodat die verfijnde kids het konden begrijpen. Het was prachtig. Ik had zo'n speech niet kunnen houden. Ik kan mijn eigen werk niet verdedigen. Sindsdien is Robert Storr mijn vriend voor het leven! Ik wou dat ik een bandopname van zijn toespraak had. Wat betreft die andere landen: sommige zijn relaxter dan de Verenigde Staten, bijna alles mag er. Je staat er soms van te kijken. In andere landen is de belangstelling voor mijn werk zo minimaal dat het onder de radar blijft van de waakhonden van de politieke correctheid.”

"Satire is nooit algemeen gewaardeerd geweest. Mensen belachelijk maken of grappen maken over anderen is niet hetzelfde. Satire is subtieler. Maar als je het moet gaan uitleggen, laat dan maar. Laat maar zitten."

Robert Crumb

In de jaren zestig was u een van de helden van de tegencultuur; decennia later werd u de zondebok van de cancelcultuur. Wat is er in de tussentijd gebeurd? Satire wordt niet meer begrepen, zei u.
“Ik heb nooit gezegd dat ‘satire niet meer begrepen wordt’. Wat ik misschien wel heb gezegd, en wat ik ook echt denk, is dat de meeste mensen satire niet leuk vinden. Ze kunnen zich er zelfs een beetje door bedreigd voelen. Door mijn ironie kreeg ik al problemen toen ik nog een tiener was. Mensen werden er alleen maar boos van en wilden me slaan, de meisjes keken op me neer en fronsten hun wenkbrauwen, of ze zeiden: ‘Wat bedoel je daar precies mee?’ Ik moest ermee stoppen. Ik leerde zwijgen en het bij pen en papier te houden. 

Satire is nooit algemeen gewaardeerd geweest. Mensen belachelijk maken of grappen maken over anderen is niet hetzelfde. Satire is subtieler. Maar als je het moet gaan uitleggen, laat dan maar. Laat maar zitten. Ik weet niet of het ooit anders is geweest. Ik denk dat satire en ironie altijd al manieren zijn geweest voor kunstenaars, schrijvers en striptekenaars om maatschappelijke kritiek te uiten die moeilijk of onmogelijk op een andere manier te verwoorden was, of die te gevaarlijk was om rechtstreeks te worden geuit. Soms is het een vorm van zelfspot, maar zelfs dat kan averechts uitpakken en verkeerd worden opgevat. Je overdrijft voor de grap je eigen gekkigheden en sommigen nemen dat letterlijk. Oeps. Dan denken ze opeens dat je een soort monster bent. Een vrouw die ik jaren geleden ontmoette, zei nadat ze met mij had geluncht: ‘Weet je, je bent eigenlijk best een aardige vent.’ ‘Hoe bedoel je?’ vroeg ik, ‘wat had je dan verwacht?’ ‘Nou ja, door je strips dacht ik dat je echt een vervelende klootzak zou zijn.’ Ik moest lachen. Ze had mijn strips helemaal niet begrepen, God vergeve het haar. Best een aardige dame. Ik nam het haar niet kwalijk. Kijk, je kunt er niet van uitgaan dat iedereen je ironie snapt. Je mag al blij zijn als sommigen ze wel snappen. Zij zijn het die voorkomen dat je krankzinnig wordt of een pistool tegen je slaap zet.”

Lees ook

Interview

Reinhard Kleist

Lees meer

Interview

Joris Vermassen

Lees meer
Lees meer