Milo Manara, de grootmeester van de Italiaanse erotische strip bekeert zich tot het betere monnikenwerk met een stijlvolle maar al bij al brave adaptatie van Umberto Eco’s literaire klassieker ‘De naam van de roos’.
Laten we niet flauw doen. Milo Manara kennen we in de eerste plaats van zijn erotische strips. De inmiddels 80-jarige Italiaan vestigde zijn reputatie in de jaren 1980 met strips als Il gioco, Il profumo dell’invisibile en Candid camera. Werken waarin piekfijn getekende dames zonder noemenswaardige kledij bijzonder onwaarschijnlijke seksuele avonturen beleefden.
Dat de specialist van de vrouwelijke ronding zich met een bewerking van Umberto Eco’s De naam van de roos laat in het leven nog bekeert tot een adaptatie van wat weleens de meer hoogstaande literatuur genoemd wordt, hoeft evenwel niet te verbazen. Manara maakte eerder al strips gebaseerd op werken van de Ierse satiricus Jonathan Swift, de Belgische dichter Pierre Louÿs en de platonische filosoof Apuleius. En Umberto Eco stond op zijn beurt bekend als een stripliefhebber die zijn bewondering voor figuren als Hugo Pratt en Manara nooit onder stoelen of banken heeft gestoken.
De fijne, priegelige lijntjes van Manara lenen zich bovendien perfect voor Eco’s detectiveverhaal over middeleeuwse miniaturisten in een klooster. Alleen jammer dat Manara zich wel héél minutieus van zijn taak kwijt. Met lange blokken tekst en overvolle tekstbalonnen blijft de tekenaar trouw aan de letter, maar niet aan de geest van Eco’s literaire bestseller. Voor de postmoderne speelsheid van de schrijver vindt hij helaas geen geschikt getekend equivalent.
Misschien was Manara’s respect voor zijn in 2016 overleden landgenoot iets te groot, maar hij had hem met een vrijere en gedurfdere adaptatie meer eer gedaan dan met de zorgvuldig getekende, maar iets te zwaarwichtige strip die hij heeft afgeleverd.
De naam van de roos 1 & 2
Umberto Eco & Milo Manara
Prometheus, 144 blz.
★★★☆☆