Stripgids – productiehuis en expertisecentrum rond strips en beeldverhaal

Dit jaar won Anouk Ricard nog de prestigieuze carrièreprijs van het stripfestival van Angoulême. Komend jaar boycot ze de jaarlijkse hoogmis van de strip. De traditionele overzichtstentoonstelling komt er dus niet. Met Stripgids wilde de bij ons veel te weinig bekende Franse stripmaakster gelukkig nog wel praten. “Het succes is heel langzaam gekomen, en ik ben fier dat ik nooit heb opgegeven.”

Een handboekje voor op het potje gaan, een handboekje voor het slapengaan en een handboekje om tafelmanieren mee te leren. In ons taalgebied wordt de vrouw die met het winnen van de Grand Prix de la ville d’Angoulême in de voetsporen trad van grootheden als André Franquin, Robert Crumb en Chris Ware alleen uitgebracht door een uitgeverij van kinder- en peuterboeken. Nederlandstalige stripliefhebbers die Anouk Ricard willen lezen, moeten dus het Frans beheersen – of nog niet zindelijk zijn.

Wie het werk van Anouk Ricard (°1970) voor het eerst te zien krijgt, zou er ook zomaar vanuit kunnen gaan dat ze met haar stripverhalen vooral op een jong publiek mikt. Ricard heeft een naïeve, losse tekenstijl met heldere kleuren en ze tekent bijna uitsluitend schattig uitziende dieren. “Voor kinderen is het gewoonweg makkelijker om personages van elkaar te kunnen onderscheiden als het dieren zijn,” verklaart de Française, die na haar studie aan de kunstacademie van Straatsburg eerst als illustrator van kinderboeken aan de slag ging en daarna steeds dieren met al te menselijke trekjes is blijven tekenen.

Haar eerste stappen in de stripwereld zette Ricard in 2004, toen ze voor het kinderstripmagazine Capsule Comique begon met de korte stripverhaaltjes Anna & Froga over een jong meisje dat bevriend is met een kikker met rode laarzen. Verder zijn er nog regenworm Christopher, de kat Ron en de hond Bubu. Ze beleven geen wilde avonturen, maar doen juist alledaagse dingen samen: ze gaan een dagje naar het strand, houden een tekenwedstrijd of vieren iemands verjaardag. Met deze strip werd, ondanks de dierlijke natuur van haar personages, meteen duidelijk dat Ricard een kei is in het vinden van humor in menselijk gedrag.

Hond Bubu vindt zichzelf bijvoorbeeld erg artistiek en wil ook dat anderen dat zien. Hij wordt het equivalent van de miskende kunstenaar die zichzelf een genie waant. Ricard creëerde zo een universum dat enigszins lijkt op de speelplaats en dat dus voor kinderen – en volwassenen – heel herkenbaar is. Sinds 2007 verschenen er verschillende albums van Anna & Froga en die vielen meteen op, ook internationaal. De stripreeks, die sinds 2021 ook als animatiereeks bestaat, werd verschillende keren genomineerd voor de prijs voor het beste album op het internationaal stripfestival van Angoulême.

“Wat ik zo leuk vond aan 'Asterix' of 'Lucky Luke', strips waar ik zelf mee ben opgegroeid, is dat ik als kind die verhalen kon delen met een volwassene"

Anouk Ricard

Het succes zorgde ervoor dat Anouk Ricard zich volop kon toeleggen op haar stripcarrière. Daarbij wil ze niet alleen voor kinderen werken. Commissaire Toumi bijvoorbeeld, dat zoals veel van haar strips oorspronkelijk wordt gepubliceerd in een stripmagazine. Het is een persiflage op politiereeksen, waarbij een bulldog en zijn domme politiemaatje in korte verhalen telkens een moord moeten oplossen. Ook deze reeks lijkt qua stijl voor kinderen te zijn gemaakt, maar Ricard had wel degelijk de intentie om er een strip voor volwassenen van te maken. Uiteindelijk zweeft het er wat tussenin. Zo heeft ze het zelf graag. “Wat ik zo leuk vond aan Asterix of Lucky Luke, strips waar ik zelf mee ben opgegroeid, is dat ik als kind die verhalen kon delen met een volwassene. Ik ben me er dus zeer bewust van dat ik een stijl hanteer die kinderen erg aanspreekt, maar ik streef er steeds meer doelbewust naar om voor een breed publiek te schrijven.”

Dat ze ook volwassenen wil aanspreken, werd helemaal duidelijk toen ze in 2011 eerst Coucous Bouzon publiceerde en twee jaar later Planplan Culcul. In dat eerste album neemt ze ons mee naar de kantoorwereld, in een soort stripversie van de tv-reeks The Office maar dan absurder en gecombineerd met een mysterie dat de plot vormt, maar er in feite ook weer niet zoveel toe doet. Hier viert Ricard voor het eerst helemaal de teugels. Een jongeman vindt werk in een bedrijf dat koekoeksklokken verkoopt en krijgt er te maken met de meest uitzinnige collega’s. Zijn baas is mentaal labiel en heeft wel wat weg van een psychopaat, de secretaresse is kwaad omdat hij op zijn eerste dag niet wil ingaan op haar avances. Opnieuw valt de overvloed aan onnozele grapjes op, het keurmerk van Ricard. Humor is voor haar dan ook essentieel.  

Met haar volgende strip Planplan Culcul gaat ze nog een stapje verder. Het album werd gemaakt voor de Franse stripreeks BD Cul, waarin Franse stripmakers erotische verhalen vertellen met humor. Bij de figuren van Anouk Ricard werkt dat zeer goed: lustopwekkend is het misschien niet om deze knullige diertjes met erecties of blote borsten te zien, maar het geeft wel enorm veel goesting om de strip te lezen. Ricard steekt de draak met clichés uit de pornowereld waarin klusjesmannen, en mannen en vrouwen in uniform de meest dubbelzinnige dingen zeggen of doen.

Parodieën van alle genres 

Een detectivereeks, een kantoorstrip, een erotische roman … Waar komen al die ideeën vandaan, vragen we haar. Maar Anouk Ricard praat niet zo heel graag over haar werk. Waar haar inspiratie vandaan komt, wil ze liever niet zeggen omdat ze het gevoel heeft dat makers er altijd hetzelfde antwoord op geven. Wat ze wél kan zeggen: “Ik werk niet enorm veel, maar ik denk wel heel veel na — zowel vóór als tijdens het werken. Daarna gaat het eigenlijke tekenen vrij snel. Dat gebeurt volledig digitaal. Mijn techniek stelt me in staat om, als ik goed in vorm ben, meerdere pagina’s per dag te tekenen. Schrijven en tekenen zijn bij mij ook één en hetzelfde proces. Ik kan ze moeilijk los van elkaar zien. Ik schrijf geen scenario voordat ik mijn storyboards begin te maken: ik improviseer gaandeweg met mijn personages, een beetje zoals kinderen met poppen spelen.”

Er zijn nog meer genres die Anouk Ricard binnenstebuiten heeft gekeerd: zo maakte ze met Ducky Coco een gagstrip over een cowboy-eend. Ook voor fantasy draait ze haar hand niet om. Een van de bijzonderste boeken in haar oeuvre is Boule de Feu, een samenwerking met de eveneens Franse tekenaar Étienne Chaize. Zijn tekeningen van geairbrushte toverlandschappen staan lijnrecht tegenover de kribbellijnen van Ricard, maar de combinatie van de twee werkt wonderwel. “De uitgever bracht ons samen. Ik kende Étienne persoonlijk nog niet zo goed, ook al bewonderde ik zijn werk. Het was inspirerend om aan heroïsche fantasy te werken, een genre dat ik niet goed kende. We hebben samen het raamverhaal geschreven; Étienne heeft de titel gekozen — eigenlijk was het de titel die het verhaal inspireerde. Daarna heb ik, zoals gewoonlijk, de indeling en dialogen geschreven naarmate het verhaal vorderde. Ik stuurde hem mijn ruwe pagina’s, hij tekende de decors, stuurde ze terug, ik tekende de personages en hij kleurde alles digitaal in.”

Ricard is naar eigen zeggen in alles geïnteresseerd, maar vooral in genres die ver van haar eigen universum af liggen. Staan bijvoorbeeld ook nog in haar bibliografie: Les Experts (en tout), een parodie op how-to-boeken waarin twee stripfiguren aan de lezer leren hoe je bepaalde dingen moet doen, en Faits divers, een verzameling cartoons bij vreemde krantenkoppen. “Ik houd er vooral van om parodieën te maken op die genres. Ik ben daar als kind mee opgegroeid, zeker op tv. In Frankrijk hadden we bijvoorbeeld het tv-programma Les Nuls, l’emission, een soort Saturday Night Live-show met sketches. Ook in de strip zijn er genoeg genres die ik nog niet heb uitgeprobeerd.”

Afwezig op Angoulême

Momenteel werkt Anouk Ricard aan een drieluik, waarvan het eerste deel Animan in 2023 de prijs voor beste stripalbum won op Angoulême. Het tweede boek is Fabienne (verschenen begin oktober 2025) en het derde deel zal Objecto heten. In deze trilogie over een man die samenwoont met een kikker en die in alle dieren kan veranderen, diept Ricard haar interesse in het verschil tussen dieren en mensen, en in de band tussen die twee, op volstrekt eigen wijze uit.

Deze boeken verschijnen bij Editions Exemplaire. Die uitgeverij werd opgericht door de Franse stripmaakster Lisa Mandel, met de bedoeling om auteurs beter te vergoeden voor hun stripwerk. Ze werken deels op basis van crowdfunding. “Eigenlijk is het een vorm van uitgeven in eigen beheer, met de bedoeling om er een ander economisch model binnen het boekenvak mee te creëren. Ik kan alles van A tot Z zelf bepalen, de uitgever regelt alles eromheen: het platform voor crowdfunding, de verzendingen, de productie van het boek. Omdat je er al een zekere bekendheid en een goed netwerk voor nodig hebt, is dat zeker niet voor iedereen weggelegd, maar voor mij is dit een fijne manier van werken.” 

Ricard heeft naar eigen zeggen wel een tijdje moeten wachten op de erkenning die haar nu te beurt valt: “Na mijn opleiding aan de kunstacademie kreeg ik veel afwijzingen. En hoewel ik altijd positieve reacties kreeg op mijn strips, verkochten ze niet zo heel goed in het begin. Het succes is heel langzaam gekomen, en ik ben fier dat ik nooit heb opgegeven. Dat is ook het advies dat ik aan jonge makers zou willen geven: laat je niet ontmoedigen.”

De Grand Prix van Angoulême was dan ook de ultieme bekroning en de prijs ontvangen was voor haar een grote eer, al kijkt ze daar nu met dubbele gevoelens op terug. Er is veel controverse rond het festival, met aantijgingen over toxisch leiderschap en het gebrek aan een veilige ruimte voor makers als zij. Daarom kondigde Ricard in oktober aan dat ze het festival in 2026 zal boycotten, samen met een steeds groter wordende lijst van gerenommeerde stripauteurs. Dat betekent ook dat er geen grote overzichtstentoonstelling van haar werk te zien zal zijn op het festival, wat normaal de gewoonte is. Zoals ze op haar eigen sociale media schreef, doet ze dat vooral als signaal. Verder wil ze zich vooral blijven concentreren op haar werk, in haar eigen tempo en in haar eigen ruimte. Ons gesprek sluit ze af met de boodschap dat ze vooral trots is dat ze als stripmaker haar eigen stem gevonden heeft.

We proberen haar nog één keer een uitspraak over haar eigen werk te ontlokken met de vraag hoe ze het zou uitleggen aan een buitenaards wezen. Haar antwoord is even uniek als het hoekje van de stripwereld dat ze voor zichzelf heeft geclaimd: “Gergouc hlupsr oteueiruyt gfhjkri.”

Lees ook

Long read

Alison Bechdel

Lees meer
Lees meer

Long read

De fotostrip

Lees meer